Zwarte Piet: BLACK LIVES MATTER

Dinsdag, 1 december 2020.

Het beeld van de volle maan van gisteravond tijdens happy hour echoot nog na in m’n hoofd, én in de camera.

Deze ochtend hang ik al vroeg aan de labtop, met Moneytrans en Bahija, de begeleidster in Amsterdam.

Ondertussen heb ik vol zicht op een witte branding in de zon. Vanavond een hoog tij van 1,5 mtr. Elke dag zo ongeveer 10 cm hoger, tot 1,7 op Sinterklaasavond 4 december. Vol verwachting klopt mijn hart..

Woensdag, 2 december 2020.

Langs het muurtje van ons terras zie ik een lange rij termieten. Duizenden. Aan de binnenkant, over het terras, vanaf oud hout in de achtertuin waar orchideeën op groeien naar een houten stut òp het muurtje voor het dak boven de terrastafel. Onvoorstelbaar, een lange stoet van 22 meter bewegend termiet. De stut zit al vol gaatjes waarin ze verdwijnen. Lekker fris, oud hout, dat morgen mogelijk al verdwenen is. Maar dat feest gaat niet door. Met solignum, een giftige spray, spuiten we de anay bij de paal en de 22 meters plat.

Pinkie weet iets leuks te vertellen naar aanleiding van covid-19 en thuisblijvers.

Kleine Biboy vertelt tijdens zijn ontbijtrijst, dat er vannacht een ardbeving is geweest, want het huisje waar ze in wonen begon af en toe wat te schudden. Maar zijn oudere zus zegt dat er echt geen aardbeving is geweest.

‘Een typhoon dan!’, pareert Biboy.

‘Nee, ook niet’, zuslief, ‘het is gewoon papa. Die is weer thuisgekomen’.

Biboy zit met vraagtekens.

Zus gaat verder: ‘Als jij groot bent maak je ook aardbevingen, okay?’

Donderdag, 3 december 2020.

Half 3 op! Om 4 uur zitten we in de shuttle op weg naar Puerto. Uitsmijter bij Yub’s in Narra en om half negen zijn we in de hoofdstad. Ik heb onderweg geslapen, hangend in de veiligheidsriemen van m’n stoel, wat me later zal opbreken. John Dale (nickname: Ching) staat ons met z’n tricycle al op te wachten bij Santa Monica, waar de van stopt.

Dan leggen we de vertrouwde route met hem af: Aim Global voor voedsel-supplementen, SM om te pinnen, te plassen de, apotheek en de supermarkt, NCCC voor goeie koffie, Bruno’s voor Goudse kaas en als laatste Robinson voor supermarkt met verse groentes (zelfs kersen en kaki’s!) en meer, plus ciomai-balletjes om als lunch op de terminal te nuttigen vooraf aan het vertrek. In alle winkels en warenhuizen word je getracteerd op luide kerstmuziek. “I’m dreaming of a white Christmas’ doet wel het vreemdst aan als je net uit de brandende zon bent gestapt. “Jingle Bell Rock” doet iedereen swingen. Ook verkoopsters aan de kassa rocken mee.

Om twaalf uur vertrekken we, rijden Yub’s voorbij, maar stoppen in Quezon. Om 4 uur gaan we met een paar passagiers meer weer weg en zijn om half 5 in Sawmill, waar Ian klaar staat om ons en onze dozen met spullen naar huis te brengen. Tijdens de rit vanaf Quezon begint een gekneusde rib van mij op te spelen. Ik verkramp bij het me ‘veilig’ vasthouden aan de stoel, maar ademen blijft pijn doen en de chauffeur naast me weet Judy te waarschuwen dat er iets mis is met me. Had ie niet hoeven doen, want zij zit in de rij achter me. Bij Sawmill dank ik God zowat op m’n blote knieën als ik me – met hulp – uit de shuttle laat zakken. Ian verdient een medaille met zijn uiterst voorzichtige rit naar huis. Om half zeven lig ik in bed. Rechterzij. Links kan niks meer hebben.

Vrijdag, 4 december 2020.

Na een beroerde nacht van pijn en krampen sta ik geradbraakt op. Ik beweeg wat met een body vol paracetamol en kom langzaam terug in de wereld.

Gelukkig is er wifi en ik puzzel met en lees in de Volkskrant. Tja, vandaag, vrijdag de vierde december. Scholen zijn open en Sinterklaas verschijnt voor tenminste de laagste klassen. Het aantal Zwarte Pieten, zo lees ik, is inmiddels afgezwakt to zo’n 10%. De rest is vooral Roetveegpiet met wat smeer op de wangen. Als oud Sinterklaas, had ik nu juist Zwarte Piet willen zijn. Getooid met een bordje, met opschrift: BLACK LIVES MATTER! Maar ja, ik zit op Palawan. Geen Sinterklazen. Geen Pieten.

Ik zit vanavond in een gemakkelijke stoel “The Bourne Supremacy” uit te kijken en schuif wat later weer op m’n rechterzij tussen de lakens.

Zaterdag, 5 december 2020.

Het hoge water (van slechts 1,7 mtr) heeft de afgelopen nacht zeewier gedeponeerd tegen het muurtje van het terras. Het was te verwachten, want onophoudelijke stortregens van gisterenmiddag én vannacht hebben gezorgd voor veel water. Overal. De beide rivieren brengen vanuit de bergen brede stromen met zandkleurig water en ook dat komt in de baai terecht. Een waterfestijn dus tot aan ons terras.

In onze reklame-uitingen voor Shamans Beach kunnen we nu rustig stellen dat onze B&B-cabin slechts vijf meter van zee is verwijderd. Misschien trekt zoiets extra gasten aan. Een plaatje maakt het duidelijk, hoewel we vooraf aan de volgende foto alle zeewier maar moeten opschonen. Per slot doen we dat ook voordat we uberhaupt gasten krijgen. Mooi klusje voor Toto en z’n kleine broertje, die dat graag met de kruiwagen doen voor wat peso’s, haha.

In de rust van de namiddag prakkiseer ik over het gebruik van mondkapjes. Niet zo gek als je in Puerto bent geweest, waar werkelijk iedereen er eentje gebruikt, waar om de haverklap je temperatuur wordt gemeten en waar je handen zwemmen in de alcohol-spray. Maar terug naar de mondkapjes en hun bijverschijnselen. Het moet een welhaast natuurlijk tegenwicht leveren bij gedoemde nagelbijters bijvoorbeeld. Bovendien blijkt een kapje bij gebruik een automatische stop op het spugen, iets dat Pinoy getrouw doen. Ikzelf merk ook dat ik iets maar even moet doorslikken in plaats van het op de grond te deponeren.

Vanavond is het pakjesavond in Nederland. Morgen zal Sinterklaas weer met stille trom vertrokken zijn. En Kerst? Nog 20 dagen!