Vrolijk Pasen

Maandag, 6 april 2020

Inderdaad een rustige maandag. Alhoewel we sinds gisteravond én vanochtend sirenes horen. Dit is ‘curfew’, krijg ik uitgelegd. Sirenes, alsof het oorlog is, en dat is het. Tegen de corona. Ook hier. Tussen 20.00 en 06.00 geen mensen op straat. Lekker rustig, maar van die onverwachte sirenes tweemaal per dag schrik ik toch wel wakker. Ze hadden me mogen waarschuwen, maar nee, dat is er niet bij.

In de Volkskrant lees ik iets over besparing van reistijden bij het binnenblijven. Het zal best.

We maken voorbereidingen voor de verjaardag van Yofil. Morgen. Hij heeft de nodige vrienden in Simunong uitgenodigd om morgen naar de nieuw kubo’s te komen. De rest van het dorp volgt als vanzelf.

Judy en Pinkie staan dus de hele dag in de keuken, om de arbeid van morgen eenigszins te verlichten.

Ondertussen vecht ik me een weg door MoneyTrans, wat niet meevalt, ondanks de hulp van Melly, die ze belt om bijstand.

Met gekruiste vingers eindigt de dag.

Morgen verder.

Dinsdag, 7 april 2020

Als Yofil verschijnt zing ik ‘Happy Birthday’, Judy volgt.

Alle focus ligt op de dirty kitchen, waar de bbq staat en ‘de hap’ voor een slordige 25 locals wordt voorbereid. Spaggethi, noedels, rijst, cous-cous, sateh met kip, spare ribs van baboy, noem maar op, stukken Jack Fruit, het is er allemaal.

Einde ochtend komt het publiek. Pastor als eerste. Hij is degeen die een zegening geeft aan, oh verrassend, eerst de motor van Yofil, dan de eerste kubo, de tweede en de derde kubo volgen, en dan een blessing voor de ‘gedekte tafel’. Vervolgens valt het volk aan op al de schalen die in het midden van de eerste hut staan opgesteld.

Ik verwonder me…. niks 1,5 mtr afstand, maar allemaal gewoon doormekaar. Krioelende eters.

Zodra ik m’n hapje heb gehad ga ik naar huis en bezig ik me opnieuw met financiele matters: MoneyTrans.

Met een hoop gedoe, met annulaties, dan met hulp van een medewerkster, Melly bellen in Amsterdam naar MoneyTrans in Amsterdam, uiteindelijk lukt het om te registreren, om een betalingsaccount aan te maken én om middels Idea (goddank werkt het) geld over te maken van de Rabo naar l’Huillier in Narra, wat ook geldt voor de rest van Palawan, dus ook Quezon.

De medewerkster in Amsterdam biedt ik spontaan een verblijf aan in onze B&B, voor drie nachten. Ze reageert spontaan met een hahaha en veel succes met het verdere verloop.

Tijdens het afronden van m’n klus hoor ik een hoop eschreeuw op het strand en ik zie hoe daar een rode pick up, die is vast blijven steken in het zand. De auto van LoLong, verderop met z’n dagjesmensenprojekt. De bezoekers van Yofil z’n verjaardag komen helpen, en met bosjes duwende mensen komt de wagen weer op het droge.

LoLong en twee passagiers komen tijdens ons happy hour een biertje drinken. Aan onze tafel. Drie bier is 210 pesos. Da’s mooi, maar ik blijf binnen, vertrouw bezoekers niet.

Als ze weg zijn is het mij beurt, en alles valt van me af. De betaling via Moneytrans is geregeld. Er is al 400 + 8 euro afgeschreven van m’n rabo-account. Kan niet meer misgaan.

Woehaaaa, wat een dag.

Woensdag, 8 april 2020

Toch spannend. Judy gaat naar Quezon om geld te halen en boodschappen te doen.

Pas aan het begin van de middag komt de verlossing: het geld lag bij wijze van spreken al klaar, de boodschappen rolden over de toonbank en Judy komt safe and sound weer thuis. Een topdown komt later om de zware bulk te brengen.

De middag brengt nu alles okay is, pas echt een relax-gevoel. Ik neem me voor morgenochtend te gaan zwemmen.

Ik laat het financiele weer achter me en maak me opnieuw scherp v.w.b. m’n stamboom. Daar valt nog een hoop werk te doen. Maar, het vordert.

Donderdag, 9 april 2020

Judy is wat ziek. Ze geeft de schuld aan de – teveel – gegeten Jackfruit, die ik zo lekker vind en waarvan ik bij wijze van spreken borden vol van kan verzwelgen. Zij niet. Buikkrampen en diarree.

Als ik vanochtend na de ochtendkoffie ga zwemmen, hoewel het meer drijven is, zie ik een schaduw over het water langskomen. Ik kijk naar wat de oorzaak is en kijk al snel in het felle zonlicht van de vroege ochtend. Knipperend met de ogen volg ik een zwarte vlek en ontwaar een adelaar. Onze adelaar van het eiland benoorden de baai. Lang niet gezien.Wow. Traag, hoog boven de kruinen van de palmbomen, glijdt ie met brede vleugels tegen de wind in richting noord. Richting huis.

Vrijdag, 10 april 2020

De stipkippen puberen en het is een bron van vermaak om te zien hoe ze elkaar het hof maken. Opspringen, tot tegen elkaar, omvallen en wegwezen. Ondertussen voortdurend pikken in het gras om insekten, van het gras zelf voor de bloednodige vitamientjes en pikken in de vleugels naar mogelijke vlooien?

Tijdens happy hour zien we op veel plaatsen in de baai ontstoken vuren. In het halfduister branden. Bewust tegen nik-nik, die kleine en gemene vliegende strandbijtertjes. Het zou kunnen. Verder geen verklaring.

Bij het geluid van een nabije sirene gaan we eten. Garnalensoep met groente. Zalig, die vochtige en zachtgevleesde garnalen. Mag elke dag.

Zaterdag, 11 april 2020

Geen boys vandaag, zelfs geen Pinkie. Alleen pastor komt aan. Om de elektriciteit voor opoe’s huisje te rgelen, maar bij gebrek aan benodigd materiaal stopt hij al snel.

In de middag vliegt er een zwaluw het huis binnen en weet niet naar buiten te komen. De poezen allemaal in staat van alertheid, en waar ik bang voor ben gebeurt: het vogeltje vliegt tegen het raam, en valt op de grond.

Paddy weet het meteen te grijpen. Paniek. Yofil grijpt de poes, maar knijpt niet door. Ik stort me op paddy, pak waar ik bij kan, de voorpoten en de achterpoten en schudt het beest heen en weer. Het vogeltje valt op de grond. Mam Banjulla is er als de kippen bij om het te pakken. Net op tijd schop ik haar naar buiten en weet de zwaluw te pakken. Maar te laat, veel te laat. Het koppetje bungelt heen en weer en ik geef het aan Yofil, die het triest in z’n handen houdt en ergens in de tuin begraaft. Story.

Voor het afsluiten van notebook en wifi zie ik nog net een bericht in de Volkskrant. Een vel papier met de handgeschreven, oorspronkelijke tekst van de song “Hey Jude”, Beatles dus, is bij een publieke verkoping van de hand gegaan voor 1 miljoen $, 830.000 E., koper onbekend? Ik ben ‘t niet.

Met de stipkippen hebben we opnieuw theater. Bij een zeer laag water rennen ze op het verre strand kris kras heen en weer om kleine krabbetjes te vangen. Ze rennen elkaar met regelmaat ondersteboven, maar weten zich supersnel te herstellen om dat ene snelle en lekkere krabbetje alsnog te verschalken, haha. Circus Stip, gratis entree. Een statiefoto is wel op z’n plek.

Nu wens ik iedereen nog een Vrolijk Pasen. Ik sluit af. Tot gauw.