Leguaan doodt Mammie Stipkip.

Vrijdag, 28 mei 2021.

Janet, afgevaardigde van de barangay, komt aan op haar fiets. Mondkapje op. Met de mededeling dat er op 8 juni zal worden gevaccineerd tegen covid-19. Dus toch. Op de vraag wie er voor in aanmerking komt en welk vaccin wordt gebruikt heeft ze geen antwoord. Nadere details moeten we zelf maar uitzoeken. Nou, dat gaan we doen.

Vandaag opnieuw geen stroom. Judy foetert de hele dag op Paleco. Terecht.

Zaterdag, 29 mei 2021.

De begroeing tussen strand en tuin, die in hoofdzaak bestaat uit grondlianen, staat in bloei en de vele paarse bloemen, gevormd als ‘pispotjes’, vrolijken het veld.

Vandaag is de derde dag zonder stroom. Schrijf ik: dag? Dat is dus dag en nacht. Het vriesvak van de koelkast lekt inmiddels ijswater.

Zondag, 30 mei 201.

Het wordt onverwacht een treurige dag. Halverwege de ochtend ziet Jeebee een leguaan in het veld lopen. Ik ben blij dat die toch nog rondspookt in de tuin, maar ook meteen alert wat betreft de broedende parelhoen en ga kijken. Gelukkig zit die in alle rust op de eieren. Boven haar een metalen dakje tegen eventuele regen én overdadige zonneschijn.

In de middag ga ik nogmaals kijken meer zie mammie nergens. Jeebe zwerft – ook nieuwsgierig – door de tuin en slaakt een kreet vol afschuw als ze mammie kip in het hoge gras ziet liggen. De keel opengereten, bloederige nekwervels. Judy gaat terstond kijken en we zien de vogel beetje bij beetje sterven. Palaweño waardig, wordt de stipkip meteen door hen meegenomen naar de dirty kitchen en schoongemaakt voor in de kippensoep.

Vervolgens treuren we om de achtergelaten eieren, 23 in totaal, en leggen die op stro in een stevige kartonnen doos. Een oude bureaulamp krijgt ook een plek in de doos en we hebben een huisgebouwde broeikas. We hebben zeer veel geluk dat we weer stroom hebben én houden, zodat de temperatuur binnen de doos constant blijft. En nu maar hopen dat het allemaal echt werkt en dat we eerdaags toch kuikens hebben.

Pappie Kip komt in z’n eentje, wat verloren, drinken uit het waterbakje van Teddy, die het allemaal toelaat. Ik mis mammie Kip.

Maandag, 31 mei 2021.

Een halve dag zonder stroom, maar tijdens happy hour floepen de lampen aan en werkt alles weer. Ook al merken we dat de stroom geen 240 is, zoals gewoonlijk, maar heel wat zwakker, met als gevolg dat internet wegvalt.

De warmte in de broedmachine voelt op peil en we leggen er een kussen op om de gewonnen warmte niet te verliezen.

Dankzij het hebben van stroom zien we kans contact te hebben met Marijke en Dielf in Assen. De laatste is jarig vandaag en we kunnen hem met oog en oor feliciteren.

Dinsdag, 1 juni 2021.

De tijgerorchidee van Judy bloeit volop en ik krijg instracties, haha: Henk, maak er een foto van voor je dagboek. Nou, daar kun je niets tegen inbrengen en ik plaats dus hierbij een foto van de prachtige bloemen, die swingen in de wind. Blij zijn ze, dat is zeker.

Woensdag, 2 juni 2021.

Elke middag een middagdutje. Na de lunch en rond half twee. Een slaapje van een uur, soms anderhalf. Vanmiddag kom ik niet in slaap. Er rommelt onweer in de lucht. Zonder ophouden. Het gaat maar door en door en het voelt niet oké. Totdat na enige tijd er een klap komt van je hela hola, samen met een lichtflits die door mijn gesloten ogen dringt en ik schrik me een ongeluk. Nooit eerder heb ik zo’n klap gehoord. Wodan op hol!!! Ik ren de slaapkamer uit naar buiten, het ergste vrezend. Ik zie Judy, Pinkie en Jeebee in de dirty kitchen. Trillend van de schrik, en met angst in de benen. Ik check de kubo, het huis van opoe en de andere kubo’s, maar alles is intact. Nergens vuur, nergens rook. Opgelucht ga ik weer naar bed. Dan hoor ik de eerste druppels vallen en de bij het onweer behorende stortregens komen omlaag en slaan op het dak. Hier en daar is er een lek en de meiden plaatsen pannen, hoor ik. En dan val ik, ondanks, toch nog in slaap.

Donderdag, 3 juni 2021.

Er vliegt vanochtend een jonge zwaluw de huiskamer binnen en stuitert met een klap tegen een raam. Niet gewend aan glas. Ik kan het diertje – verdoofd – makkelijk pakken en bescherm het in de kom van m’n handen tegen toegesneld kittens, die al snel in de gaten hebben dat er wat te halen valt. Maar nee, niks daarvan. Ik loop met m’n buit naar de tuin en laat het ondertussen spartelende vogeltje los. Het vliegt meteen ‘weg is weg’. Mijn stotterende bye bye is tevergeefs.

We lunchen met kippensoep. Soep met stipkip. In de keuken mocht ik vanochtend al niet komen. Judy, super-chef met soeppan en pollepel, stuurt me weg. Ik verklaar de keuken voor een voor mij ontoegankelijk ‘Roer-gebied’. Ik kan haar de clou niet eens vertellen of uitleggen, maar zelf vind ik het wel leuk gevonden.

Vrijdag, 4 juni 2021.

Zwemmen na de koffie. Teddy gaat mee en hij begint meer en meer lol te krijgen in en van het water. Daarna de roskam over z’n huid en we halen bossen haar weg. Als op het strand een viertal honden voorbijlopen slaat ze aan en springt dusdanig als een wilde dat we het kammen voor gezien houden.

Als ik m’n siesta neem, heb ik altijd vol zicht op een vogelnestje in de citroenboom achter de slaapkamer. Al dagenlang zie twee vogeltjes, die ogen als Hollandse mussen, maar meer egaal bruin op de borst zijn, met een pikzwart snoetje en snavel heen en weer vliegen. Bouwen met grashalmen aan hun nestje. En in en uit vliegen. Vanmiddag zie ik tot mijn verrassing opeens vier stuks vliegen. Bij nadere beschouwing zijn het de ouders plus twee jonkies. Het is te zien aan de witte zijkanten aan de snaveltjes. En aan hun nog wat onbehouwen vliegkunst. Ik geniet enorm van zulke tafereeltjes pal achter het slaapkamerraam en het houdt me altijd langer wakker dan ik zou willen.

Ik beschrijf tijdens de lunch de vogeltjes en Judy zegt me dat het om een rijstvogeltje gaat, maar als ik daarvan beelden opzoek via google zie ik een vogel met een witte vlek aan de kop, die hier ontbreekt. Familie? Geen idee. Hoe ook, leuk zijn ze. “Onze mus!”

Als laatste vandaag: ik ga nog snel even op de foto met een nieuw ukay ukay (tweedehands) overhemd. Door Judy in Quezon op de kop getikt voor 60 pesos, zeg maar iets meer dan één euro. Zij trots. Ik blij. Mooi dessin, past goed. Heel blij!