In mei leggen stipkippen een ei!

Zondag, 3 mei 2020.

Daner, de man die Rammel z’n grond in Tagusao beheert komt enkele bunches bananen brengen. Vanaf de motor mompelt ie dat ie jarig is. Ik feliciteer hem. Hij lacht verlegen.

Ik lunch met de laatste aardappelen en wortelen: hutspot. Ook Yofil (als ik eveneens liefhebber van deze stamppot) krijgt een portie en tot m’n verrassing schrokt hij het zonder bestek naar binnen. Met de vingers maakt hij balletjes, net als bij rijst, en stopt het in z’n mond. De angus-worst gaat nog makkelijker, hap na hap tot ie op is.

Op de tv wordt met de nodige trots gemeld dat een Filippijnse student een corona-tester heeft ontwikkeld, die al na 2 minuten uitslag geeft. Da’s knap!

Van Laura, die opoe met een bezoek vereert, horen we dat de gaasvliegen-plaag van zaterdag ook in Simunong heeft geheersd. Bij haar thuis, bij Helen, bij Edna en meer.

De hele namiddag rommelt het in de buurt van de bergen, maar de zeewind zorgt ervoor dat het onweer ons niet bereikt. Dus blijft het droog, ondanks de zware bewolking. Maar bij gedonder blijven de poezen angstvallig binnen.

Maandag, 4 mei 2020.

Warempel, Pinkie komt opdagen. Exact om zeven uur. Én met een brede grijs. In hoog tempo begint ze aan de was en de opmaak van de slaapkamer, als wil ze de verloren dagen in één ochtend inhalen.

Elvis en Aldrin zijn ook weer hier en ik feliciteer Elvis met zijn verjaardag. Ook hij reageert enigszins verlegen. Pinoy, uitbundigheid komt pas na enkele glazen ginebra. Maar na de koffie gaan ze verder met het keukentje van opoe. Succes boys. Ik ga zwemmen in kristalhelder water, Judy motort naar Quezon om medicijnen te scoren, maar het zit haar niet mee, en ze oppert om woensdag naar Narra te gaan, waar een grotere apotheek is en waar ze de calciumtabletten en mijn maandelijkse bonviva mogelijk wél kan krijgen. Ik heb met haar te doen, want dat betekent iets van tweemaal 2½ uur rijden, maar ze wuift elk bezwaar weg.

In Nederland is het vanavond dodenherdenking. Waarschijnlijk met een lege Dam en tv-toespraken.

Dinsdag, 5 mei 2020.

Bevrijdingsdag in Nederland.

Een jubileumsdatum: 75 jaar geleden eindigde WWII en dat wordt vandaag waarschijnlijk gevierd met een televisie-rede van koning Willem-Alexander -vanaf de Dam- en verder iedereen thuis, op de bank of in de tuin. Dat was in 1945 gelukkig wel anders.

Mooi weer, dus: : Judy en ik gaan zwemmen. Eindelijk weer eens samen in zee. Letterlijk. Dat is dus superlang geleden. Helder water, geen branding en een visje die steeds maar om ons heen zwemt. Zo klein als m’n pink, glazig en met een zwarte rugvin.

Bij de slaapplaats van de stipkippen vinden we vanochtend het eerste ei. In het zand onder de trap. Maar wat een raar ei, want het heeft een zachte schaal en je kunt er voorzichtig kleine deuken in knijpen. Ongetwijfeld omdat het het eerste ei is. Later meer en beter. Deze kun je in ieder geval niet koken, is de voorspelling. Het is dan ook meer een curiositeit, dan een echt ei. Maar toch…

Woensdag, 6 mei 2020.

Zoals verwacht: Koning Willem-Alexander, op de Dam. Met een toespraak. Ik lees het in de Volkskrant en heb respect voor wat hij naar voren brengt, en daar zelfs zijn overgrootmoeder bij betrekt. Wilhelmina, in Londen, toen.

Hoewel er op de Filippijnen heel wat nationale feestdagen worden gevierd, is er geen Bevrijdingsdag zoals wij dat kennen. Wel een Libertyday, maar dat heeft van doen met ‘ont-kolonisatie’. Over de WWII hoor je zelden iets.

De zee is vanochtend weer een spiegel met een flauwe deining. Heerlijk relaxend, ik drijf en dein mee. Ik voel de vroege zon op m’n huid prikken, zodra die boven de palmbomen verschijnt. Richting Noordrivier wordt gevist met de sahid, het superlange visnet, vanaf een bangka overboord gevierd en door een twintal locals naar het strand wordt getrokken. Iedereen krijgt weer wat visjes, het net wordt weer aan boord getrokken en opnieuw op zoek naar een school visjes. Zo gaat het elke ochtend, totdat de zon te hoog staat en de vissen te diep gaan om te vangen. Morgen weer.

Einde ochtend komt een legertruck met mariniers het pad oprijden. Na een kennismaking met de sergeant, kapitein of wat, gaat Judy met hem in conclaaf. Het gaat natuurlijk over het plaatsen van een antennetoren op Rammel z’n terrein in Tagusao. Hoeveel grond is daar voor nodig, en voor hoe lang. Vijf jaar met recht op verlenging. Ik laat ze praten, en neem afscheid als de mannen vertrekken. Bye mister Hank. Bye ate Judy.

Vanmiddag komt Sally (ik noem haar al zes jaar Maria, vind ze leuk) om het haar van Judy te knippen en aansluitend worden de nagels geschoond en voorzien van een rose kleurtje.

We hebben happy hour in de wetenschap, dat er nu door de stipkippen echt eieren worden gelegd. Puberen brengt vruchten, hahaha. De eerste nog steevast met deuken, maar tussen de grondlianen bij het strand vinden we een heus nestje met één kreukel-ei èn één volwaardig ei. Weliswaar kleiner dan die van een kip, maar zo te zien kan het zeker de kritiek van de ware gourmet doorstaan. We laten de eitjes echter met rust en zullen de loop van de verdere geschiedenis met spanning volgen.