Het waren twee fantastische dagen….

Zaterdag, 14 augustus 2021.

Zoals gisteren geschreven: we gaan op reis. Een weekendje Concepcion. Judy en ik. Judy, motort naar Quezon, als eerste, terwijl Jeebee meegaat om vervolgens de motor terug te rijden. Albert brengt me om half tien naar Sawmill, waar ik opgepikt wordt door de shuttle naar Puerto. Tijdens de stop op de terminal van Quezon komt Judy er bij en samen zitten we voorin en genieten van de natuur. Met zon, zon en zon. En het verkeer op de weg. In een bocht zien we weer eens een vrachtwagen op z’n kant liggen. Gekanteld vanwege de té hoog opgeladen vracht. Duizend zakken rijst liggen ernaast. Indrukwekkend, maar helaas net uit beeld.

Na een goeie reis komen we in Puerto en worden afgeleverd bij de bus naar El Nido, die ons naar Lyn’s Haven brengt. Frans hoort altijd de bus naderen en staat al bij de stop klaar om ons op te vangen. Melly en Raimond begroeten ons met een zoen en kouwe cola en we strijken neer in de tuin. Bijkomen van de reis. Het is bij drieën en de verhalen vliegen weer over tafel. We zagen elkaar een lange tijd niet en er valt heel wat te bepraten. Bovendien maken we plannen voor het weekend. Wat daar ook bij hoort: wat gaan we eten….. En, jawel, Melly fabriceert hutspot. Voor Henk. Als immer. Vandaag met kleine gehaktballetjes en mini-biefstukjes. Geweldig. Tijdens de koffie na de maaltijd vallen m’n ogen dicht. Vroeg naar bed.

Zondag, 15 augustus 2021.

Na een weldadige nacht om zes uur uit de veren. De zon en de ochtendkoffie tegemoet. Net als gisteren bekijken we de groep parelhoenders in hun kooi. Wat een club. Een volwassen mannetje en twee vrouwen én hun kroost: 22 stipkippetjes, sorry, stipkippen, want ze zijn al behoorlijk uit de kluiten gewassen. Geteld: 10 meiden en 12 mannen. Al bij al een hele verzameling, en mooi zoals Frans ze los laat lopen in de tuin. Met een rietje volgt ie ze en ‘stuurt’ ze. Tot weer terug in de kooi. Zo moet ik het ook doen met de tien kippen die we morgen vangen, in dozen plaatsen en meenemen naar huis. De helft van het totale broedsel van 16 mei j.l. Nooit gedacht dat een goeie paring zoveel grut zou opleveren. We delibereren over morgenochtend. Maar…. eerst vandaag.

Melly en Judy gaan naar Puerto voor wat boodschappen. Frans en ik gaan de hoge berg achter het huis op, maken een bocht naar rechts en bezoeken het kerkje waar veel muziek uitkomt. Het blijkt meer een trancedans kerk te zijn dan iets anders. Met vier muzikanten en een zanger/schreeuwer worden de dertig bezoekers opgehitst en het is meer een jumpingsession dan een kerkdienst. Ook kleine kinderen dansen mee. Frans en ik worden naar binnen geloodst en zitten een kwartier mee te zweten met de rest. Dan is het genoeg en dalen we de berg af, komen bij een buurman, die meteen zijn vrouw aanzet om voor mij een halo-halo te maken: vrucht-en-ijs-mix. Bijna een lunch. Dan de weg over, naar het strand, voorbij een tweede kerk, nu met prekende pastor, en dan – via de boot van Raimond – naar Lyn’s Haven, waar we Danny vinden. Als meestal in de kreukels. Nu na een motorongeluk. Kapotte voet in het verband. We drinken cola en praten bij. Lyn zelf is ergens aan het werk, en na een tijdje gaan we naar huis. Siesta.

Als de dames terugkomen is het happy hour. De boodschappen worden geshowed en we drinken een kouwe klets. Opnieuw verhalen en we lachen wat af. Daarna: lang leve de hutspot en om negen uur naar bed.

Nog wel even kijken naar de dode vlinder die Frans en ik vonden in het gras langs de snelweg.

Maandag, 16 augustus 2021.

Half zes heit de klok. Eruit en douchen. Om zes uur zien we de ‘gardener’, Edwin, al lopen en we spoeden ons naar de koffie. Daarna naar de kooi van de kippen. Met Frans en Edwin. Pappa en beide mammie kippen moeten uit de kooi, want als je aan hun kinderen komt, worden ze agressief. En vervolgens dus kippen vangen. De dozen met hun tape van gisteren staan al te wachten. Edwin vangt en Judy houdt de doos met inhoud gesloten en taped meteen ook de bovenkant dicht. Luchtgaten aan de zijkant had ik gisteren al aangebracht. Na een half uurtje hebben we tien kippen, verdeeld over drie dozen. We zetten alles bij de deur naar de snelweg en gaan ontbijten. Lekkere toast met gebakken ei en australische (!) kaas.

Als we baggage en dozen aan de weg zetten, hoor ik Frans met zijn mantra (naar het reclamespotje met Pim Muda) “het waren twee fantastische dagen”. Half acht is het en we staan te wachten in de al volle zon. De bus is al lang voorbij. Shuttles rijden ook door. Dan, zonder dat we het gemerkt hebben stopt er een auto en rijd in z’n achteruit naar ons toe. Naar Puerto? Ja! Wij mee, en weg zijn we al. Bye, bye en zeer bedankt!

Judy belt met Leonard en ze hebben een shuttle die om 10 uur vertrekt. Wij krijgen opnieuw een zitplaats voorin. En zo komen wij en de kippen om 14 uur thuis. Ook een dankjewel voor Ian, die in Sawmill trouw staat te wachten met een top-down.

Thuisgekomen is de eerste actie: de parelhoenders naar de greenhouse brengen en los laten. Wat een spektakel als de vogels uit hun dozen worden bevrijd. Onze ‘ouwe kip’ weet ook niet hoe die het heeft en vliegt tegen het gaas omhoog. Maar na tien minuten is het oké en scharrelen ze – als vertrouwd – om en rond elkaar. Als ik na m’n siesta voer kom brengen, verstoor ik min of meer de rust, en gaan ze schreeuwen en daarna pikken en pikken. In de korrelbak, wel te verstaan. Happy hour, de stipkippen ook.