Eieren, maar geen schildpad …

Woensdag, 13 mei 2020.

Bij een check bij het stipkippennest, zie ik voor het eerst een kip in alle rust zitten broeden of leggen. Het blijft bij leggen. Tien minuten later is ie weg en ik tel in totaal acht eieren. Een aangename bijwerking bij het eieren leggen: de kippen zitten meer in het gras en minder op het terras, dus daar is maar weinig poep meer te vinden.

Richting Pinoy grap ik over een ‘itlog-down’ met een knipoog naar de lock-down. Itlog is ei in het tagalog, haha.

Van Elvis verneem ik dat zijn broer is overleden. In Manilla. Hij kan niet naar de begrafenis vanwege de lock-down, en het is goed zo, zegt ie. R.I.P. We condoleren hem met het verlies.

In de badkamer iets nieuws: tandpasta van Golgate, waar houtskool in is verwerkt. Als je de pasta uit de tube knijpt zie je een dun zwart lijntje in het wit. ‘Whole mouth health’ adverteert het. Dat is nog es wat anders dan vroeger, toen er fluoride in kwam, of -ik was nog een jongeling – een groene pasta vol chlorophyl. Maar hulp voor je hele mond, dat is je ware! In de praktijk zorgt deze tandpasta voor een bek vol schuim, taai schuim, overal. Dat zal dus de bedoeling wel zijn.

Ik wordt gecorrigeerd voor wat betreft Armand en Yofil. De laatste is geen duo, dat mag niet. Armand rijdt de motor van Yofil naar Puerto en komt met de shuttle weerom. Yofil gaat met de shuttle naar Puerto en blijft daar om maandag 1 juni weer aan het werk te gaan. Zo dus.

We drinken ons biertje in het laatste stukje schaduw op het terras. De zon schuift steeds verder naar rechts. Gelukkig is m’n flesje koud, ijskoud.

Aan het strand, in de laatste schemering. Mijn gedachten gaan uit naar de laatste keer dat we schildpad-eieren in onze tuin hadden liggen. Bijna 200! In mijn hoofd trommel ik op mijn grote drum, neurie, en zing zacht voor de zee, de wassende zee die nader en nader komt aanrollen.

“Turtle, come and lay your egg, oh lay your egg.
Turtle, come please, do as I beg, and lay your egg.
Pawikan, queen of the seas.
Lay your eggies, if you please.
I will protect your eggies, each,
If you lay them on my beach.”

De horizon kleurt oranje. Een straffe wind doet de golven kuiven. De eerste sterren en een halve maan in een blauwige hemel. Ik droom van een nacht met grote, vanuit zee verschijnende schildpadden, en aansluitend van legers, legers vanuit het zand vertrekkende kleintjes, in marstempo, op naar de horizon, de toekomst tegemoet.

Donderdag, 14 mei 2020.

In de boomgaard groeien spontaan meer en meer lelieën. Door hun opvallende kleur al op grote afstand te zien. Rood, vuurrood, met een geel hart. Het verleid me tot het schrijven van een haiku.

  • Hij kijkt me aan,
  • Die rode lelie op het veld.
  • Ook ik ga blozen.

Zeven uur in de ochtend. Zwemmend in zee, glijdt de bangka met de sahid langs me heen, op zoek naar een kawan. Over het strand lopen tientallen mensen mee, in het achterhoofd nog het succes van dinsdagmiddag. Echter, er is geen vis en als ik naar huis loop ligt de bangka met hoog opgestapeld net voor anker en ik heb een leeg strand voor mij alleen. Nou ja, niet helemaal alleen. Ik deel het met een groot formaat stekelvis, zo eentje die ik in de Caribbean kocht als souvenir. Opgezet en reukloos, en die heeft jaren op mijn slaapkamer aan het plafond gehangen.

Deze stinkt en ik begraaf het maar. Vasthoudend aan de staart (bovenaan). En let op het zuinige mondje onderaan, met die twee kleine lipjes.

Judy gaat alsnog op de motor naar Quezon. Spullen voor pastor bestellen. En kip halen op de markt, hopelijk.

Correctie van gedane meldingen: Pastor komt morgen niet. Dat wordt maandag. Yofil gaat 16 mei niet naar Puerto, dat wordt 28 mei. Voor wat dit nieuwe schema waard is. Echt Pinoy.