Consternatie met opoe en een pijlstaart.

Donderdag, 21 januari 2021.

Bij het opstaan vind ik Teddy op dezelfde plek waar hij gisteren ging liggen en ik krijg hem niet in beweging om buiten eens te plassen of te poepen. Gelukkig drinkt ie wel water als ik zijn bak voor zijn neus zet. Met moeite tilt ie z’n kop op als ik naar hem fluit voor een worstje die hij niet wil. Lieve Teddy, gauw beter worden alsjeblieft.

Aan het eind van de middag komt Judy thuis. Opoe is in het hospitaal achtergebleven, aan een infuus. Mag pas zaterdag terug naar huis. Nou, dat weten we dan. En zo is er alle reden om te sms-en met Yofil in Puerto, Claire in Visayas, Jayzel in de USA en Jeebee in HongKong.

Vrijdag, 22 januari 2021.

Telefooncontact met Edna, die bij opoe is achtergebleven laat ons weten dat opoe het goed maakt en dat ze niet kan wachten tot morgen om thuis te komen. Alle focus ligt op de zieke en verder vermaken we ons aan Shamans Beach in de tuin met planten, bloemen en beestjes.

Daarbij vindt Judy een giga rups op een blad in haar Green House. Het beest heeft een scherp staartje en zo te zien grote zwarte ogen. Familie van de pijlstaartrups? Na er een foto van te hebben gemaakt plaats ik het blad in de stronk van de ‘stipkippen-boom’ op een veilige plek, waar het klem blijft en niet weg kan waaien. Ik blijf wachten om te zien wat ie gaat doen. De enige verandering die ik zie is dat de zwarte ogen verdwijnen en dat alleen een flinterdun witte wenkbrauw overblijft. Als ik een half uurtje later nog es ga kijken, zie ik het blad min of meer opgerold. Vermoedelijk gaat ie poppen.

Zaterdag, 23 januari 2021.

We staan om half zes op. Judy wil om zeven uur op de motor naar Brooke’s Point, naar opoe Tarcing. Die mag vandaag per ambulance naar huis. Wat zal ze blij zijn.

Na de ochtendkoffie ga ik kijken naar de rups, achtergelaten in de stronk van de boom in onze voortuin. Het blad waar ie op zat ligt nog op z’n plek. Half aangevreten. Maar de rups zelf is in geen velden of wegen te bekennen. Een goed veilig plekje gevonden? Of opgegeten. Dat laatste hoop ik van niet, maar is zeker wel mogelijk. Voldoende vogels.

Mijn gedachten gaan uit naar de Atlasvlinder, die voortkwam uit een even grote rups, zonder zulke markante ogen, en laat staan een pijlstaart, alleen een lange rij pijlen over de rug en de kop. Maar natuurlijk is het de vlinder zelf, hoewel ik mot moet zeggen, die het verhaal spectaculair maakt. Kan niet nalaten het alsnog eens te laten zien, haha.

Na vele dagen van regens lijkt het weer te veranderen. Gisteren zon, vandaag zon. Daar komt bij dat de deining in de baai is afgenomen en de branding haar woestheid heeft losgelaten. Zowel hoog als laag water overdag speelt zich af rond de halve meter. De Pinoy noemen dit verschijnsel Aya Ay. Pas vanavond rond zevenen is het ‘echt’ hoog water, evenwel met slechts 1,1 mtr (tegenover 2,1 van twee week terug).

Teddy komt goden zij dank met regelmaat overeind, loopt wat en gaat weer liggen. Naast z’n drinkbak.

Die zon op het zand in de voortuin is vooral goed voor de schildpadeieren, die wel wat opwarming kunnen gebruiken. Hoeveel dagen nog? Anderhalve maand? We verheugen ons op het uitkomen ervan om de jonkies naar zee te zien zwermen, èn zwemmen!

Om zes uur, een half uur voordat het donker wordt verschijnt de ambulance met opoe en Edna. In de schemering volgt Judy. Iedereen weer op honk, gelukkig. Het is zaterdagavond en dus weekend. Morgen een rustige zondag. Aont morn….