Allerlei afscheid…

Woensdag, 21 juli 2021.

Na het opstaan zie ik dat ons strand onder water staat. Bijna tot aan de tuin. De kalender geeft aan: 08.00 am high tide: 1,7. Na tienen is het water weer weg en komen er weer motorrijders langs. Aanstaande maandag hebben we hoog water om half twaalf lunchtijd, met een waarde van 2,1 mtr. Zal de zee tot aan de tuin komen? Jazeker. Zal het tot in de tuin lopen? Alle kans. Het is afhankelijk van de woestheid van de branding en van de windrichting. Maar één ding is zeker. Als we om één uur eten is het tij op z’n retour en is het water in de zanderige grond weggezakt. Da’s mijn prognose voor nu!

Lemuel begint vanochtend achter in de tuin, vlakbij de kopra-hut, met de aanbouw van een nieuwe greenhouse, met behulp van gisteren bezorgde houten palen. Hij meet uit: iets van 8×12 inches. Groot genoeg voor 12 jonge stipkippen, en ook groot genoeg voor mezelf om in rond te lopen, dus zelfs een volgende generatie kan hier terecht. Dus: gaten graven, palen plaatsen, rechtop. Andere palen er horizontaal tegenaan spijkeren. Hij krijgt hulp van de familie en met vijf man bezig staat er al snel een houten skelet. Judy motort al snel naar sawmill om daar nipa-platen op de kop te tikken, zodat het dak kan worden aangemaakt.

Donderdag, 22 juli 2021.

De aow is gelukkig al vroeg binnen en dankzij Moneytrans kan ik enig geld overmaken naar de pawnshop in Quezon. Nog niet heb ik mijn transacties via internet geregeld of de stroom en dus wifi vallen weg. Het geluk is met de domme. Maar het is wel klaar.

Door harde wind vallen er in de tuin veel takken van de kokospalmen. Ook noten liggen op de grond en dat wordt dus verzamelen.

In de tuin horen we sinds enkele weken tijdens zonsopkomst een ludiek vogelfluitje. Iets als trululuru. Vanuit de slaapkamer proberen we (voorzichtig met het bewegen van de gordijnen) het vogeltje voor de lens te krijgen. Na talloze malen tevergeefs, lukt het Judy uiteindelijk en ik krijg de foto voor m’n dagboek, haha. Het lijkt op afstand een kruising tussen een merel en een duif. Ook wat grootte betreft.

Vrijdag, 23 juli 2021.

Yofil motort met Judy naar Quezon. De zon schijnt en dat blijft de hele dag tot aan Happy Hour. Lemuel timmert de hele dag aan de nieuwe greenhouse en de meiden, Claire, Thea, Jeebee, en later Yofil, vegen de tuin schoon van gevallen blad. Geweldig!

Als Judy terug is, schrijven we boodschappenlijstjes voor Quezon en voor Puerto. En we doen de administratie, die meer en meer op een admaxistratie gaat lijken. Budget voor augustus, en bijkans voor de rest van het jaar, is ook klaar. Stemt heel tevreden.

Ik grap tegen Judy dat we de papegaaien eerlijkheidshalve moeten aanleren om naar bezoekers te roepen: we hebben tòch geld, haha.

Nog niet is dat gezegd of er komen twee Pinoy vragen of ze hier kunnen slapen. Ja, allicht, de kubo is vrij. Ze trekken erin, na in het logboek te hebben ingecheckt.

Zaterdag, 24 juli 2021.

Onbeschrijflijk weer. Moessonwinden blazen vanuit zee regen en bijna ook het zeewater tegen de voorgevel. Dan zwakt het af en is het doodstil weer en een kwartier later herhaling van het voorafgaande. Om en om. Natuurlijk al lang geen stroom meer. Ik schrijf dit in de ochtendschemering van acht uur. Met zicht op een aankomend hoogtij, die volgens de kalender om half elf een peil van 2.0 mtr zal meten. Wel, die spoelt met dit weer mogelijk straks de tuin binnen.

Jeebee verrast me met een uit een boom gewaaid vogelnestje met een klein eitje. Ik leg het in ‘n bakje op de vensterbank waar wat licht is, en later mogelijk wat zon. Wie weet.

De gasten vertrekken halverwege de ochtend en laten een brochure van hun ‘meat-business’ achter, met foto’s van sirloin-steaks, porterhouse-steaks, lamb-chops. Oef, wat een westerse lekkernijen. Maar ook: wat een westerse prijzen. In ieder geval blijft de brochure hier. “Voor het geval!”

Twee uur lang bezig ik me met het rapen van uit de bomen gevallen zaadbolletjes in de tuin voor de B&B. Dan ben ik het – hoewel het nog maar voor de helft gedaan is – schier zat. Morgen verder. Tijdens het rapen stuit ik op een knal-oranje paddestoel, die oogt als een cantharel. Van bovenaf een plaatje.

Zondag, 25 juli 2021.

Ik open vanochtend de grote la van m’n bureau om het oplaadsnoer van de Ipad te pakken, en dan zie ik in de linkerkant iets bewegen. Ik denk aan een kikker en roep Judy erbij. Maar die heeft gisteren al jacht gemaakt op een tokko die zich ophield op de vloer achter het bureau en concludeert meteen: een tokko. Wel, ik neem de hele la eruit en jawel, daar springt de ‘vechthagedis’ met z’n scherpe klauwen en bek vol draken-tanden tussen de spullen vandaan, over m’n arm en op de grond. We zetten de achtervolging in met de grijper en na een aantal vruchteloze pogingen krijgen we hem te pakken. In de klem breng ik het dier naar buiten en zet het op de stam van een boom. Daar blijft ie eerst roerloos zitten en ik zie dattie z’n staart heeft afgegooid. Even later is ie foetsie. Verdwenen. Weg. Omhoog de boom in? Denk van wel, en okay. Ik heb een schrik in m’n lijf als ik terugdenk aan dat ene moment, toen ik de la opende. Het had een kikker kunnen zijn, maar ook een slang. Gelukkig een goeie afloop.

Zoals voorspeld op de kalender hebben we hoog water rond het middaguur. Langzaam groeien de golven in de branding, hoger en hoger, en glijden uitlopers naar onze tuin. Toch blijft het daarbij en de schuimende zee komt niet de tuin binnen. Ik geniet van die beelden. Bij open tuindeuren, met een tweede koffie bij de hand.

Maandag, 26 juli 2021.

Judy naar Puerto. Het belangrijkste is het bezoek aan de BIR, regeringsinstantie waar grondbelasting wordt afgedragen. Vorig jaar al 131.000, nu nog het restant, van 5.000. En klaar. Rond half zes is Judy weer thuis. Samen nog een happy hour. Morgen de boodschappen uitpakken. Muesli, appelsap en andere luxe dingen. Zelfs gemalen koffie; in Quezon (of beter gezegd: binnen een straal van 160 kilometer) niet te krijgen – ook luxe dus, haha.

Albert komt nog laat drie kratjes Pale Pilsen, 12 Pepsi Cola en een grote rol groene ‘screen’ bezorgen. Dat laatste gaat naar de nieuwe Green House, tehuis voor de stipkippen. Lemuel heeft daar al stevig werk voor neergezet.

Dinsdag, 27 juli 2021.

Ouwe geschiedenis: gisteren geen stroom en internet, vandaag wel stroom maar geen internet. Het lijkt niet aan ons te liggen, maar aan Smart, de leverancier. Het verhaal gaat dat Smart eerdaags een soort hoge pool toren gaat plaatsen. Bij Tagusao. Daarna moet alles oké zijn. Mag van mij wel meteen.

In de tuin worden vandaag kokosnoten geoogst. Bestemd voor kopra. Ian die die klus gewoonlijk voor z’n rekening neemt, heeft geen tijd omdat hij op de rijstvelden nodig is. En zo is er iemand anders die de noten lossnijdt, Ian – aan het einde van de dag – en zijn karbouw verzamelen de noten en deponeren die bij ons zandpad. De hele troep wordt binnenkort door een vrachtwagen opgehaald en per noot afgerekend. Dus geen branden van kopra in de hut zoals voorheen. Later wel weer. Elke drie maanden.

Tijdens m’n siesta zie ik vanaf m’n bed op de planten van Judy, pal achter het slaapkamerraam, een bijzonder vogeltje. Het komt aanvliegen zit wat op een blad en vliegt weer weg. Soms komt ie op de vensterbank buiten en zit zowat tegen het glas. Ik kan die bewegingen goed volgen en lig paraat met m’n I-phone om te fotograferen, wat af en toe lukt. Maar, ziende met het blote oog is ie het duidelijkst: een kanariegele (?!) borst met in het midden een licht-oranje vlek, zwarte vleugels, zwarte kop, maar boven op z’n kop een knal-oranje toupetje. Hoe determineer ik dit prachtig vogeltje. Geen idee. Op internet bekeek ik voorheen al eens “Birds of the Filippines”, maar daar zie je in hoofdzaak grotere vogels en niet de kleintjes. Helaas.

Woensdag, 28 juli 2021.

Om zes uur in de ochtend gaan Judy en ik naar opoe. Ze is jarig, en wij gaan voor haar zingen. Buiten, voor de dichte deur. Zachtjes beginnen en dan steeds een beetje luider, totdat de deur opengaat en ze ons met een bewogen gezicht aanstaart. Ja, jarig, 82 jaar oud. Later op de dag hebben we een boodle fight op de grote plastic tafel bij haar huis en eten we rijst, mie, saté van kip en varkensvlees, krab, garnalen. Met 10 man. Echt feest.

De firma Cardinal komt halverwege de ochtend om de kokosnoten op te halen. Bij vertrek krijgen we ruim zevenduizend pesos betaald voor de oogst. Haha, niet onverdienstelijk. De helft gaat naar Ian met z’n karbouw, voor zijn onmisbare hulp.

Twee vrouwen, van Ladayon afkomstig, komen hier om de vier kleine poesjes op te halen. Zou Pinky de twee rode meegenomen hebben, dat is er bij gebleven en nu we alle vier in één keer kwijt kunnen is dat wel zo goed. Ik maak een laatste foto van de katjes, die meer en meer belangstelling kregen voor Mister Teddy. De Ladayonners zijn zo vriendelijk om Mammie Banjulla te kalmeren, te aaien en te vertroetelen als de kleintjes eenmaal in een doos zijn gestopt. Afscheid! Bye bye, kittens.

Donderdag, 29 juli 2021.

Goed bericht: Yofil heeft z’n vliegticket en vliegt aanstaande zondag, 1 augustus naar Manilla. Zaterdag gaat ie naar Puerto en verlaat onze familiecamping. Op 5 augustus heeft hij z’n aangekondigde Bio-matrix en wordt hem een visum verstrekt. Voorspelling!

Een ander bericht is, dat Pastor morgen komt om het visnet dat over het dak van de B&B is gespannen, maar aan de nok heeft losgelaten, komt vastmaken. Om opwaaien van nipa-platen bij harde wind te voorkomen.

De modem van ons internet wordt door Judy meegenomen naar Quezon om door Michael te laten checken. De conclusie: prima machine, niks mis mee. Dat betekent dat de ontvanger van het signaal onvoldoende kracht heeft en we krijgen het advies er alsnog een antenne bij te plaatsen. Ik geef daar meteen groen licht op, want zonder wifi zit je hier écht op een eiland.

Vrijdag, 30 juli 2021.

Pastor komt, Judy gaat. De eerste samen met kleinzoon KinKin, die zich hier in de tuin en op het strand vermaakt. Judy met Jeebee, naar Quezon om de antenne bij Mike aan de orde te brengen en te bestellen en om geld van opoe te halen als zakgeld voor Yofil.

Pastor klimt via een boom naar het dak van de B&B om daar de bevestiging van het visnet aan de nok te vervangen. Het eerdere koord is ‘made in china’, zoals pastor materiaal van slechte kwaliteit noemt en laat me zien hoe dat door zon, hitte en regen is verpulverd. Hij vlecht nu een twining cord door het net, aan beide kanten van de nok. Om elf uur al issie klaar en vertrekt met de eeuwige opmerking: “I think I go home!”

Zaterdag, 31 juli 2021.

We hebben stroom en – verrassend genoeg – warempel ook internet. Ik stuur meteen een aantal foto’s vanuit m’n Ipad naar de laptop om m’n dagboek van plaatjes te voorzien. En als het meezit vandaag nog op de website te plaatsen.

Na de lunch vertrekt Yofil met Nonoy in z’n topdown naar Sawmill en vandaar met de shuttle naar Puerto. Bagage mee. Een afscheid voor een X-aantal jaren. Vooropgesteld dat de reis naar Saudi ook snel zal plaatsvinden, maar na een alarm-telefoontje van zijn agentschap gaat dat er wel op lijken. Bye, Yofil. Judy reist mee tot aan Sawmill, om daar uit te zwaaien. Nog wel even een archieffoto met Yofil als ‘linksbuiten’, haha.